zezunja.punt.nl
 
 
1. Als je ouders bij jou komen logeren in plaats van andersom, dan word je pas echt oud.
2. Ik ga dus de rest van de dag even flink schoonmaken.
3. Noot voor mijn moeder: nu weet je dus dat het hier niet altijd zo schoon is.
4. Als je het al schoon vindt.
Lees meer...   (26 reacties)
 
 
Er zit even een vlieg op het leven.
Nog een ogenblik geduld dus.
Lees meer...   (12 reacties)

 
 
Claimerig gedrag in een relatie is dus echt het ergste dat er is. Verschrikkelijk. En dus vind ik het een klotestreek dat mijn vriendje vanavond met zijn beste vriend gaat stappen. Echt gemeen.
Want ik ben dan natuurlijk gedoemd om zelf mijn volgesnotte zakdoekjes achter mijn kont op te ruimen. En hem te vervloeken door satéprikkers in zijn pasfoto te jensen. En ik kan natuurlijk niks leuks doen, want ik ben ziek. En ik kan niemand bellen om te vertellen wat een vreselijk kuttig vriendje ik heb, omdat bij elk telefoontje naar Nederland mijn beltegoed na twee minuten op is. Skypen is ook onmogelijk, want mijn computer heeft de blauwe DOS-schermen als definitieve huisstijl gekozen en dat praat wat lastig. Verder ken ik hier niemand die ook maar enigszins zit te wachten op een bezoekje aan dat arme, zieke, verlaten, allochtoonse meisje. En tot overmaat van ramp lijkt het beltegoed van mijn vrienden ook voortdurend op, of ze zijn allemaal mijn nummer kwijt, want het is al tijden akelig stil hier. Remi, eat your heart out!
 
En dus vond ik het gisteren hoog tijd om eens stennis te schoppen, want kijk, je kunt wel in je uppie in je zweterige slaapzak bij de zoveelste herhaling van Dr. Phil een potje gaan zitten wenen, omdat jouw vriendje jou óók zo ruw in de steek laat, maar daar heeft niemand iets aan. Dat leidt alleen maar tot pathetisch de kat op schoot trekken en dan roepen dat hij de enige is die nog van je houdt. Om vervolgens te zien dat hij gelijk weer van je schoot springt. Daarbij moet je de shit laten waar-ie vandaan komt, dat is mijn levensmotto. En dus dient mijn vriendje toch op zijn minst te beseffen wat hij mij aan doet.
 
Mijn tactiek: midden in de nacht de kwestie aanzwengelen. Het feit dat hij 's ochtends moet werken en door mijn gehoest sowieso al slaapgebrek heeft, is geen factor van belang. Het feit dat hij het in zijn hoofd haalt mij op een dieptepunt in mijn leven zo te laten zitten - hoe durft-ie!, is dat wel. Uiteraard.
 
Dus eerst hoestte ik hem wakker, vervolgens trok ik een stuk dekbed van zijn kant naar mij toe, want hij had nog wat droge stukjes en aan mijn kant was het de hoogste tijd om te hozen. En daarna beet ik hem toe dat als ik dan geen stukje dekbed van hem mocht, ik verder wel beneden zou gaan slapen.
 
Maar toen ik rillend op de trap stond, vond ik dat-ie er toch wel erg makkelijk vanaf kwam. Hij zijn dekbed terug én zijn nachtrust en ik alleen beneden op de bank met een droge hoest, een slaapzak en Vitaya-nacht-tv. Dat vond ik een uitermate oneerlijke verdeling van de buit. Dus ik deed de slaapkamerdeur nog eens open en siste heul onderkoeld -kuch- allerlei dingen in de trant van 'gelukkig zien we elkaar morgen de hele dag niet' en 'maar dat kan jou toch niks schelen' en 'want als het je wel wat kon schelen, dan hield je me nu tegen' en 'maar ook dat kan je natuurlijk niets schelen' en 'want je gaat morgenavond ook gewoon stappen' en nog zo wat van die dingen.
 
Uiteindelijk mocht het natuurlijk allemaal niet baten, want zo zijn mannen. En natuurlijk heb ik de hele ochtend zitten broeden op een drama-act die hem zou doen beseffen in welke afgrond hij mij stort. Want hij moet voelen wat ik voel, zo zijn vrouwen. Dus ik wikte en ik woog. Ik kan hem natuurlijk de hele avond gaan lastigvallen met sms'jes van het kaliber: waar ben je?/ wat doe je?/ hebben jullie het WEL leuk?/ hoe laat kom je thuis?/ zo laat?/ nou dan zie ik je wel weer 'ns. Maar dat zou pas op het moment zelf effectief zijn. Ik lijd hier al dagen aan, dus voor overdag moest er toch ook iets zinnigs te bedenken zijn.
 
Maar ik kwam er niet uit. Ik zou hem de hele dag willen negeren, zo van: jij hebt mij niet nodig? Dan ik jou ook niet. Maar dat gaat niet, want hij is niet thuis. Of ik zou hetzelfde willen terugdoen: jij stappen? Dan ik ook, maar dan véél later, leuker en dronkener. Én flirten met vijf mannen tegelijk. Maar dat gaat ook niet, want ik ben ziek en zou bij God niet weten met wie ik het waar leuk zou kunnen hebben.
 
Dus voor mij zit er niets anders op dan mij vandaag opnieuw te wentelen in de diarree van dag-tv. Car Booty, To buy or not to buy, Homes under the hammer, twintigduizend herhalingen van het journaal en van de programma's die ik gisteravond al heb gezien. Ik kan natuurlijk ook nog een potje janken, maar dan moet ik wel zorgen dat ik dat doe vlak voordat-ie thuiskomt, zodat-ie mijn huilwallen en de rode neus nog kan zien, anders is zelfs dát zinloos. En tegen het eind van de avond kan ik hem dan nog een sms te sturen met de mededeling dat claimerig gedrag het ergste is dat je je geliefde kunt aandoen.
Lees meer...   (31 reacties)
 
Een foto omdat geen plaatje zo zou opvallen. Maar eigenlijk heb ik geen inspiratie. 
 
Ik wacht op de wijkagent die moet bevestigen dat ik hier woon
Schattig hoor, dat gegeven van zo'n wijkagent die komt koffiedrinken. Ik had laatst ook al een gesprekje met de postbode die mij precies vertelde hoe lang wij ten onrechte de krant niet hadden gehad: een maand. Hij wist alles, so we're being watched. Beetje jammer alleen dat je maar tweehonderd kilometer naar het zuiden hoeft te reizen om verstrikt te raken in mañana-mañana.
 
Ik wacht op de dag dat ik de wijkagent op bezoek heb gehad (mañana misschien?) en ik eindelijk mijn ziektekostenverzekering hier kan afsluiten en mij kan ontdoen van een heel nare hoestgriep waar ik mijn buikspieren zodanig mee train dat elke personal trainer zou zeggen dat een rustdag mij goed zou doen
 
Ik wacht op mijn nieuwe computer (klik) waardoor u niet telkens zo lang hoeft te wachten op een nieuw stukje
 
En verder heb ik dus een hoestgriep en spring ik nu weer terug in bed, na een nacht van zes uur hoesten en twee uur slapen. Ik hoop dat de wijkagent mij wakker belt. 
Lees meer...   (8 reacties)
 
 
Ik verkeer in een soort vacuüm. Ik woon in een prachtig huis, ik heb het liefste vriendje ter wereld (jaja, die heb ík) en ik heb zoveel hobby's dat ik vermoedelijk niet eens de tijd heb om al mijn hobby's nog fatsoenlijk te beoefenen in dit leven, en toch lijk ik elke dag weer in een vacuüm te belanden. Dat heeft te maken met werk. Volgende week krijg ik voor het laatst mijn salaris van de School voor Journalistiek in Utrecht en daarna ben ik werkeloos.
 
Op zich is dat niet zo'n punt: ik hou sinds ik hier woon van het huishouden. Dat komt omdat het zo'n groot huis is, dat is fijn keutelen. Er is altijd wel iets te doen waar het huis mooier, groter en leuker van wordt en dat geeft mij dan weer een kick: het huis mooier, groter en leuker maken. Maar ik moet wél werk zoeken. Met ons uitgavenpatroon is één kostwinner ondenkbaar en Yuri zou vast stikjaloers worden als ik zou besluiten de rest van mijn leven eens lekker te gaan keutelen.
 
Kortom: ik zoek elke ochtend werk. Alleen's ochtends, want anders word ik grumpy en ik ken mezelf, als ik zo'n project acht uur per dag ga doen, dan neem ik de nacht nog even mee. Dan gaan de raderwerken 's nachts volle bak door en dan draait het leven alleen nog maar om iets dat niet lukt: werk vinden. Door alleen 's ochtends (de voormiddag zoals ze dat hier noemen) te werken, voorkom ik dat ik het idee krijg dat ik geen knip voor mijn neus waard ben. Daarmee zorg ik dat ik elke dag ook nog iets doe dat wel lukt, 's middags. Zo heb ik gisteren alle boeken op alfabet gezet, wat ik vorige week al had gedaan met alle cd's en dvd's (Yuri heeft er duizenden, en dan overdrijf ik niet). En daardoor eindig ik de dag toch nog vaak met een trots gevoel en dat is belangrijk voor me.
 
Ik had niet verwacht dat het zo moeilijk zou zijn om werk te vinden. Okee, okee, ik ben kieskeurig, maar dan nog: ik had verwacht zo tegen eind augustus wel een fijne job in een jong en dynamisch bedrijf te vinden, maar helaas.
 
Bekentenis: ik had een behoorlijk hoge dunk van mezelf. Al sinds het begin van mijn werkzame leven word ik geprezen om wat ik doe. Ik was de jongste docent Journalistiek van Europa, ik moest schrijfopdrachten van twintigduizend euro afzeggen omdat ik te veel werk had, iedereen vond me leuk, aardig, bijzonder en goed en iedereen wilde me hebben. Maar dat was vroeger, in Nederland.
 
Hier is alles anders. Misschien was het ook wel dom om te denken dat het gemakkelijk zou zijn, ik heb immers maar een paar echte specialisaties, waarvan de belangrijkste welzijn en onderwijs zijn. Dat zijn typisch zaken die ik niet één op één naar Vlaanderen kan vertalen. Welzijn en onderwijs zijn hier totaal anders georganiseerd, ik ken geen mensen meer op die terreinen, in mijn hoofd zit geen enkele organisatie die ik zou kunnen bellen voor verhalen over die onderwerpen en ik heb geen flauw benul hoe bijvoorbeeld de jeugdzorg hier geregeld is. Kortom: zeg maar dag met je handje tegen mijn specialismen en mijn netwerk.
 
Daarnaast ben ik generalist, zoals elke journalist met een opleiding, we worden immers opgeleid om overal te kunnen werken en om overal over te kunnen schrijven. In Nederland, welteverstaan, want mijn algemene ontwikkeling is hier van het niveau likmevestje. Ik heb geen Vlaams historisch besef, nog nauwelijks sjoege van wat er speelt en waarom, en ik heb nul netwerk. Kut dus.
 
Op zich mag ik niet klagen: mijn sollicitatiebrieven liggen goed in de markt en ik kom vaak vrij ver in het sollicitatietraject, maar mijn tegenkandidaten kunnen vaak net iets beter Frans, weten meestal meer van de regio en hebben doorgaans meer kijk op wat voor Vlaanderen belangrijk is. En bij solliciteren is 'bijna maar niet helemaal' geen resultaat om over naar huis te schrijven. Bij solliciteren is het alles of niets.
 
Vandaar en daarom dus dat vacuüm. Gelukkig heb ik veel zitvlees en doorzettingsvermogen, en gelukkig heb ik ook veel goede plannetjes. Dus als plan A niet werkt dan heb ik altijd nog plan B t/m Z in de kast liggen. Maar mijn eigendunk daalt met de dag en ik sta steeds vaker op met een gevoel van where de fuck ga ik vandaag mijn motivatie weer vandaan halen.
 
Morgen ga ik naar Lowlands en maandag reis ik door naar een fijn huis op Ameland waar ik met mijn ouders, mijn zus, haar man en mijn lieve nichtje en neefje een paar dagen vakantie zal vieren. Helaas moet ik Yuri dan vier dagen missen, maar voor het overige ben ik blij dat ik mijn dagelijks terugkerende vacuüm even in België kan achterlaten.
 
Het kan raar lopen met zoiets als eigendunk.
Lees meer...   (24 reacties)
(klik voor groter) 
 
Dus dan heb je een kattenluikje en een kat die daar qua vorm perfect doorheen past. Maar hoe krijg je die kat vrijwillig door dat luikje als eten, spelen en lieve woordjes geen effect hebben?
 
En voor wie het was vergeten: ik- heb - een - poezenlog, klik.
Lees meer...   (10 reacties)
 
De klavervier (klik voor groter). 
 
Dat je dingen kwijtraakt als je verhuist, hoort erbij. Dat komt vanzelf wel weer goed als je eenmaal alle dozen een keer hebt geopend of uitgepakt. En zelfs als dat niet afdoende blijkt, zijn er maar een paar dingen écht belangrijk: sleutels, geld en paspoort.
 
Dus u raadt het al: het begon met mijn paspoort. Twee weken lang waande ik 'm verloren. An sich niet zo'n punt - leve Schengen! - maar wel onhandig als je een huis moet verkopen. Twee weken lang werd ik met de dag zenuwachtiger, want WAT als ik 'm niet zou vinden? Hoe moest ik dan in hemelsnaam de notaris overtuigen dat ik het ben die mijn huis verkoopt?
 
Tot ik zomaar ineens mijn gezond verstand gebruikte - hoera, een helder moment. Mijn paspoort had ik op de dag van de verhuizing in een klein tasje in een groot tasje gestopt. En jawel: in de logeerkamer lag het kleine tasje en in één van de 420 vakjes zat mijn paspoort. Olé. One down, many to go. Maar dat wist ik toen nog niet.
 
Een week later wist ik het wel. Yuri en ik waren naar Amsterdam geweest om mijn te-verkopen-huis van top tot teen te schrobben. Daaraan vast plakten we nog een dagje Amsterdam, we zijn immers vanaf deze zomer toerist en dat moest gevierd worden. Rugzakje op, rondvaartboot, koopzondag, terrasje. En prompt was ik zondag aan het eind van de middag mijn portemonnee kwijt. Ik had mij iets te veel in de rol van toerist ingeleefd, zullen we maar zeggen.
 
Flipperdeflip, want er zou net die week een hoop geld gestort worden en zonder pasjes is het moeilijk geld afhalen in het buitenland. En zonder geld is het moeilijk handdoekhaakjes, kattenluikjes, Lowlands-kaartjes en electradraad kopen. Terwijl het leven daar toch om draait, niet?
 
Ik blokkeerde als de wiedeweerga al mijn pasjes, lulde een stuk of wat conducteurs omver, zodat we zonder kortingskaarten terug konden reizen op een retourtje dat met een heel scala aan kortingskaarten gekocht was. En de rest van de week wachtte ik op de duplicaatpasjes die volgens de Postbank binnen een paar dagen op de deurmat zouden liggen, 'maar omdat het naar België moet, kan het iets langer duren'. Dûh.
 
Het leven zonder paspoort was een al beetje neurotisch, maar het leven zonder bankpasjes was echt een waar afkickproces. Werkelijk bij elke gedachte (misschien kan ik nu even die cartridge kopen, dan kan ik die laatste foto's voor aan de muur printen, misschien kan ik nu even die hoes van de bank naar de wasserette brengen, misschien kan ik nu even die fiets laten repareren) moest ik me opnieuw realiseren dat de mogelijkheden zich beperken tot gratis en voor niets. En dan blijkt dat je voor elk klusje nog wel minimaal één aanschaf moet doen.
 
Een dag of vier nadat ik mijn portemonnee kwijtraakte, ontving ik een brief van de Postbank, of ik zet-es-em contact wilde opnemen. Ik belde en kreeg te horen dat mijn portemonnee was gevonden in de Hema op de Nieuwendijk, met alles er nog in. Ik, de koe, was 'm dus gewoon kwijtgeraakt. U moet weten: ik vind gerold zijn altijd net iets beter voor je ego.
 
Even iets anders: van mijn zus kreeg ik een paar weken geleden een klavertjevier van het kaliber klavervier. En die doet het wel, maar hij doet het dus niet. Met andere woorden: hij is nogal uit de kluiten gewassen (ongeveer twintig keer zo groot als ik had verwacht) en hij bloeit, maar tegelijkertijd word ik achtervolgd door pech en stupiditeiten. Kijk, ik geloof natuurlijk niet in klavertjesvier klavertje(s)vieren en visioenen, maar toch, van zo'n enorme klavervier had ik wel iets meer verwacht.
 
En omdat dit wel een erg lang verhaal gaat worden: cut!
Voor meer over de sleutels (paspoort - geld - sleutels, remember?), de visioenen die in de vorige alinea ineens opdoken en waarin ik natuurlijk niet geloof en mijn geluk in de liefde en pech in het leven moet u maar even wachten op het volgende stukje. Als alles goed gaat, wat op zich een wonder zou zijn dezer dagen, volgt de rest spoedig.
 
Wordt vervolgd. 
Lees meer...   (7 reacties)
 
 
Het was een paar dagen geleden dat Yuri en ik aan de picknicktafel achterin de tuin zaten.
'Eigenlijk vallen die krekels mij nu pas op', zei Yuri.
'Krekels?' Ik had in al die weken nog geen krekel gehoord.
'Ja, dat is toch uniek, dat je midden in de stad zoveel krekels hoort?' Yuri trok een gelukzalig gezicht.
'Maar ik hoor helemaal geen krekels!' Mijn maag trok samen van jaloezie.
 
Het vakantiegevoel in ons eigen huis was al vanaf het begin overweldigend. De tuin die door het enorme raam naar binnen komt, de woonkeuken die zich door het enorme raam uitstrekt. Het heuveltjes fietsen en kasseitjes lopen. Tot diep in de nacht in je zwembroek sigaretjes roken in een decor van zwierende vleermuizen en kerktorens die zich tegen een nauwelijks donkere sterrenhemel aftekenen. En alles ruikt als Frankrijk.
Ja, die krekels zouden het helemaal afmaken.
Als ik ze zou horen.
 
'Je houdt me voor de gek hé?', vroeg ik.
'Nee, echt niet. Hoor je ze dan niet?' Yuri trok opnieuw een gelukzalig gezicht.
'Nee. Ik hoor alleen een brom. Heel ver. Van een aggregaat of zo.'
Shit. Plotseling begreep ik het: ik was te oud. Oude mensen horen hoge tonen niet en ik was met mijn miezerige 32 jaar al te oud om krekels te horen. Fuk, shit, kut. Dat is balen.
Yuri, die even oud is als ik, en een mazzelkont, bleef gelukzalig kijken en ik probeerde te vergeven en te vergeten.
 
Een paar dagen later zaten we in het schemerdonker een sigaretje te roken. Ik mijmerde wat en focuste niet. En ineens hoorde ik ze. Luid en duidelijk. Ik voelde me in één klap tien jaar jonger. En nog meer op vakantie.
 
Maar toen werd het ugly. De volgende dag voelde ik me namelijk nóg meer op vakantie, maar op een manier die ik me herinnerde van de Canarische Eilanden toen de kakkerlakken ter grootte van een aansteker zich met duizenden tegelijk als blaadjes uit de bomen lieten vallen. Of toen ergens in de Franse bush naast mijn tent een kip door een vos werd verslonden. Een vakantiegevoel waarbij 'gelukkig mag ik over een paar weken weer naar huis' de boventoon voert. Een onhandig gevoel als je al thuis bent.
 
Het kwam namelijk zo: op het terras lag een hoofd. Van een beest. Met voorpoten. En iets verderop een lijf. Van hetzelfde beest. Met achterpoten. En vleugels. Het was een krekelachtig beest. En o my fucking god: het was gróóót!
Het beest was dood. En in twee stukken. Vermoedelijk het werk van de katten, die klein beginnen alvorens ons muizen en vogels als diner te serveren.
 
Tsja, en toen moest ik dus even slikken. En doen alsof het heel gewoon was. Want er was geen sprake van 'naar huis gaan'. Dit was thuis. Get used to it. Ik betrapte mezelf erop dat ik me al aan het voorbereiden was op zo'n beest in bed en wat ik zou doen. Gillen waarschijnlijk. En Yuri roepen. En zeggen dat ik naar huis wil. En wel nu!
  
Maar goed, inmiddels is de rust weergekeerd, zitten de resten van het beest in een potje en gaat het vakantiegevoel naar hartelust door. Maar als ik 's avonds de krekels hoor, omdat ik kennelijk toch nog niet zo oud ben, dan moet ik mijn best doen om niet enorme silhouetten op de muur te projecteren. En dan stop ik, hoe warm het ook is, mijn laken 's nachts net iets strakker in. En dan neurie ik heel zachtjes in Yuri's oor: 'En we gaan nog niet naar huis, nog lange niet, nog lange niet...'.
 
(klik op de foto voor groter, de 2 euro-munt ligt erbij als schaalaanduiding)
Lees meer...   (23 reacties)
 
Hoek Dusartstraat/Eerste Jan van der Heijdenstraat, 2004.
 
Yuppen zijn net studenten. Egoïstisch, luidruchtig, omstreden en overheersend. En ik kan het weten, want ik woon met ze in één buurt en heel soms laat ik de gedachte toe dat ik er zelf een ben. Maar dat is soms, en niet nu, dus voorlopig woon ik er alleen tussen.
 
Toen ik hier ruim zestien jaar geleden voor het eerst kwam wonen, waren er alleen wat yuppen rond het park. En aan de Hemonylaan. De Gerard Dou was grotendeels dichgetimmerd, de Ferdinand Bol eindigde nog in de troosteloze kolos van Heineken en op de Albert Cuyp moest je vooral niet naarboven kijken.
 
Hoe anders is het nu. De stokrozen in de geveltuintjes zijn niet aan te slepen, alleen de meest doorwinterde krakers winden zich nog op over woningsplitsing en de voertaal op straat is Pools. Dat laatste is een teken van verbouwing. En verbouwing is een teken van welvaart. En welvaart trekt meer welvaart. Yuppen trekken meer yuppen. Simpel.
 
En hoewel ik liever geveltuintjes in de straat heb dan panden vol junks, en liever naast Sophie Hilbrand woon dan naast de alcoholische buurman in de Govert Flinck, loopt het wel een beetje de spuigaten uit.
 
Want yuppen zijn net studenten. Met die Polen van ze kunnen ze ongelooflijk veel lawaai produceren. Op tamelijk on-Christelijke tijden. En dat doen ze dan om-en-om. Eerst de ene buurman, dan de andere, dan de overkant, dan boven, 't Is nooit stil. Iedereen heeft geld, dus er is altijd wel weer ergens een Pool op luidruchtige wijze een fundering, een uitbouw of een woningsplitsinkje in elkaar aan het timmeren.
 
Verder zijn yuppen egoïstisch, onverschillig en overheersend. In elk geval de Pijp-yuppen waar ik door word omringd. Zoals mijn Finse bovenbuurvrouw (klik). En de meneer-met de-ik-weet-niet-hoeveel-investeringsmaatschappijen (klik) die daar weer boven woont. En zelfs de arty-farty aardige onderburen hebben lichtelijk schijt aan mij en de mijnen. Met als voorlopig hoogtepunt in het yuppen-zijn-net-studenten-verhaal mijn Finse bovenbuurvrouw die giechelend niet opendoet als ik haar kat kom terugbrengen (gisteren, klik).
 
Vandaag over een maand zit ik lang en breed in mijn tuin, elders, ver van de Pijp-yuppen met hun bakfietsjes, hun kunst voor de ramen en hun Praxis-Polen. Ik zal denken aan de huisjes waar ik woonde, vier in de Pijp, één op de grens van de Pijp. Aan de school waar ik op zat, eveneens op de grens van de Pijp. Aan de vrienden die ik had, waarvan velen inmiddels ook de Pijp uit zijn (altijd weer even maken, die grap) en dan, goddamn, dan ga ik die yuppen zó missen. En dan zal ik zo blij zijn dat ik daar tenminste nog in een stad ben gaan wonen met heel veel luidruchtige, egoïstische, overheersende en omstreden studenten.
Lees meer...   (30 reacties)
 
 
Ik verwaarloos deze webstek, ik verwaarloos Marco van Basten, ik verwaarloos mezelf en ik verwaarloos de normale dagelijkse dingen.
 
De flierefluitstukjes moeten even wijken voor sollicitatiebrieven, afscheidsredes, creatieve uitspattingen waarvan niemand iets mag weten en lopende band-nakijkwerk.
 
Marco van Basten is een lieverd, en normaal gesproken ben ik de nationale bondscoach zeer toegewijd, maar deze keer was ik stomverbaasd dat het WK vrijdag al begon en niet zaterdag. En dat we vanmiddag al dienden te supporteren en niet vanavond. Dat soort flexwerk staat mijn agenda niet toe. Marco doet er goed aan mij voortaan een e-mail-alert te sturen.
 
De luxe van tijd voor jezelf en even tot jezelf komen kan ik me nauwelijks veroorloven. Is er niet een berg eindejaarsnakijkwerk, dan is er wel een verhuisbus of een ziektekostenverzekering die geregeld moet worden. Ik prijs de dag dat ik echt niets meer kan bedenken dat ik nog moet regelen.
 
De normale dagelijkse dingen bestaan niet langer. Alles is óf voor het laatst, óf het is tijdverlies en dus overbodig, óf het valt onder het kopje 'dingen die nog geregeld moeten worden'. Zelfs als ik mijn tanden poets ben ik bezig met vragen als 'welke van deze vijf tandenborstels neem ik mee en welke gooi ik weg?'. Om gek van te worden.
 
Ik kan dus ook niet anders dan steeds maar weer stukjes schrijven over dat ik niet in staat ben stukjes te schrijven, omdat ik nog zoveel moet doehoen. En dan krijg je dus dit soort stukjes. Vreselijk vermoeiend.
Lees meer...   (12 reacties)
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl