zezunja.punt.nl
Drs. Johan Arend Happollati wilde 'ns gastloggen, dus bij deze logt hij gast.

 
Biedermanns laatste foto
 
 
Beste lezer,

Bekijk deze foto aandachtig. Wat ziet u? Juist: een jong meisje dat liefdevol haar poes omstrengeld houdt. Meent u over voldoende elementen te beschikken om dit in de tijd bevroren moment ten volle te kunnen begrijpen? Wat zegt u? U ziet toch wat u ziet? Meent u de volledige, verschrikkelijke waarheid te zien als u de vredige sterrenhemel aanschouwt? Hebt u al eens gehoord van imploderende sterren, van supernova's, van in de ruimte elkaar kruisende hemellichamen die stukgetrokken worden door hun eigen wederzijdse aantrekkingskrachten? Ziet u deze verwoestende gebeurtenissen als u 's nachts in bewondering omhoogblikt?

Maar kom, we wijken af. Ik zal u vertellen wat er aan de hand was. Maar ik waarschuw u: als u dit idyllische tafereeltje voor uw geestesoog niet vertroebeld wilt zien, dan leest u beter niet verder. Neen: knip de tekst van de foto af en gooi die tekst weg. Bewaar enkel de foto in uw agenda. U besluit toch verder te lezen?!? Nu, vooruit dan…

Met dat meisje is niets aan de hand. Dat is mijn dochter. Daar valt niets over te vertellen. Dat kon evengoed úw dochter zijn. 't Is die poes! 't Is Mijnheer Biedermann. Ja, bekijk hem nog maar eens goed. Mijnheer Biedermann was een schijtlaars: een verlegen, bange, tobberige kat. Bang voor elk geluidje, bang voor vreemde mensen, bang voor auto's, bang voor overvliegende meeuwen, bang voor zijn eigen schaduw, bang, bang, bang. En altijd een beetje knorrig ook. Zo van: laat me nou maar, ik bemoei me toch ook alleen maar met mijn eigen zaken! Er was één vreemdeling die hij wel vertrouwde: de buurvrouw. Als hij wist dat zij alleen thuis was, dan drentelde hij wel eens haar tuin in, ging tegen haar benen aanschurken en bleef  dan zwiepstaartend staan wachten of er iets te eten viel. Wij zegden altijd dat Mijnheer Biedermann lang zou leven, omdat hij zo voorzichtig was. Mensen zouden de kans niet krijgen hem pijn te doen: daarvoor bleef hij te ver bij hen uit de buurt. En als er een auto in de straat verscheen, rende hij keihard de andere richting uit. Nee, onze Mijnheer Biedermann, die keek wel uit!

Tot op die warme dag in augustus verleden jaar. Niet dat Mijnheer Biedermann terminaal was en die dag het fatale spuitje zou krijgen... of er tóch in geslaagd was onder een auto terecht te komen of zo, neen, beste lezer, het is veel droeviger… Ík heb hem gedood. Per ongeluk. Ík lag aan de basis van zijn vroegtijdig heengaan. Ik moest zonodig een foto van hem nemen. "Hoezo?" zult u zeggen, "Welk gevaar schuilt er nu in het nemen van een foto?" 't Was die flits! Die vermaledijde flits! Het was een beetje te donker binnenshuis en toen besloot mijn volautomatisch fototoestel helemaal autonoom dat er zonodig een bliksemschicht aan te pas moest komen. Ik heb nog vergeten te vermelden dat Mijnheer Biedermann ook een heilige schrik had van onweders.

Dus op het moment dat die flits afgaat, rukt Mijnheer Biederman zich los uit de veilige omstrengeling van mijn dochter, komt met een ongecontroleerde sprong op de keukenvloer terecht, rent door de openstaande deur naar buiten, galoppeert via de oprit de straat op… en komt daar tegen de rechterpedaal van de fiets van onze postbode terecht.

Nu rijdt onze postbode altijd veel harder doorheen onze buurt dan volgens ons strikt noodzakelijk is, maar je kan het de man moeilijk kwalijk nemen: hij overtreedt geen enkele wet en beweegt zich bovendien schier geluidloos door stad en wijk. Mijnheer Biederman knalt dus met zijn linkeroogje tegen die pedaal van 's mans fiets aan, tolt tot driemaal toe om zijn eigen lichaamsas en wordt uiteindelijk terug op onze oprit geslingerd. Ik bespaar u al zijn kwetsuren, maar hij was op slag dood.

Mijn dochter was in alle staten, mijn vrouw stond in de keukendeur en trok wit weg en ik… ik hield nu Mijnheer Biedermans levenloze lichaam in de armen. Arme poes. Bange poes. Domme poes! Geschrokken van de flits van een fototoestel... De postbode stond er ook beteuterd bij. Hij had de neiging zich te verontschuldigen, maar kon bij zichzelf geen enkele fout ontdekken en deed er toen maar het zwijgen toe.

Ik had u gewaarschuwd niet verder te lezen, beste lezer, maar nu u toch zover bent… als u het aandurft… kwel uzelf nog wat langer, bekijk de foto nu nogmaals heel aandachtig en besef dat de foto zelve en de erbijhorende flits dus de oorzaak van Biedermanns dood waren. En dat het hele gebeuren werd uitgelokt door die foto die u nu bekijkt. Jammer voor uw gemoedsrust ook dat Biedermann nu juist zo recht in de lens moest kijken! 't Is maar dat de reactiesnelheid van alle levende wezens op deze aarde nog altijd trager is dan de snelheid van het licht, anders had u de ontzetting in de ogen van de poes kunnen zien. Eigenlijk is de fatale lichtstraal reeds ingeslagen op het netvlies van Mijnheer Biedermann en is die informatie op het eigenste ogenblik van de opname reeds via flinterdunne zenuwbanen onderweg naar die kleine poezenhersenen. We spreken hier over nanoseconden. Volgens mij kun je de nakende verwarring trouwens al een klein beetje zien in zijn oogjes. Een fractie van een seconde later sloeg de paniek bij onze vriend dan ook daadwerkelijk toe en brak de hel los.

En omwille van dit alles is dit inderdaad 'Biedermanns laatste foto'.
Wees hem indachtig telkens als u de trekker van uw fototoestel overhaalt...
 
© Drs. Johan Arend Happollati
Lees meer...   (22 reacties)
 
 
Mij kwam ter ore dat zezunjaetzezunja.nl bouncet. Inmiddels is dat opgelost, maar het idee dat ik een heleboel lieve briefjes zou hebben gemist, vind ik onverdraaglijk.
Dus aan iedereen die mij de afgelopen maand lieve briefjes heeft gestuurd: please, doe dat nog-us...
Lees meer...   (8 reacties)
 
Mike de Circuskat (klik voor groter). 
 
Woeh, ik moet nog zoveel losse eindjes vastknopen (paspoort, geld, sleutels, de visioenen, klik, wie schilderde welke kant van het zebrakastje, klik) en ik heb nog zoveel verhalen in mijn hoofd op de plank liggen (het mooie afscheid van mijn werk, de niet geringe verhuizing, het geklus en de daarbij behorende wonderen) en intussen maak ik foto's en filmpjes bij de vleet die allemaal de moeite van het bekijken waard zijn (adoptiepoezen zonder hoofd, Mike de Circuskat, groen bloed van reuzerupsen op de keukenvloer wegens slachtpartij en ontelbaar veel kastjes). Waar moet ik beginnen?
 
Eerst maar eens dat zebrakastje (klik). U had het fout. U beweerde namelijk en masse dat ik de linkerkant zou hebben geschilderd. Volgens u was dat duidelijk af te leiden uit de volgende elementen (ik citeer):
 
* er ligt links een krant tegen de poot, dus die kant moet Zezunja geschilderd hebben
mijn commentaar: hoho, zie ik eruit alsof ik daar niet op zou letten?
* links is zwieriger
mijn commentaar: en vrouwen zijn zwieriger? dan kent u mij nog niet 
* links zitten de vrouwelijke vormen
mijn commentaar: ah, u vergelijkt een zebrastreep met een vrouwenlijf, dan zou ik juist denken dat Yuri die had geschilderd
*links is minder strak en dus minder geconcentreerd
mijn commentaar: ik schilder met het puntje van mijn tong tussen mijn tanden, als dat niet geconcentreerd is...
*links staat geen asbak en Zezunja spaart haar stem
mijn commentaar: a. meerdere rokers betekent meestal niet meerdere asbakken b. ik spaar mijn stem te weinig
*links, want jij hebt de foto genomen
mijn commentaar: hoe weet je dat ik de foto heb genomen? (is wel waar trouwens) en waarom zou ik de foto van de zelf geschilderde kant nemen?
* links is minder dekkend 
mijn commentaar: ik ben nogal van de dikke klodders, dat je zo heel erg op druipers moet gaan letten en zo, dat dekt wel hoor
* links, want dat is een gevalletje grote-stappen-gauw-thuis zijn
mijn commentaar: hah, ik ben helemaal niet beledigd hoor... hmz 
* links, want rechts liggen filtersigaretten in de asbak en Nederlanders rollen zelf 
mijn commentaar: ik ga hoesten van shag, anders zou ik het nog steeds doen 
en tot slot
* links lijkt me overduidelijk/logisch/omdat agnes het zegt/ook zonder hint
mijn commentaar: jaja
 
De enigen die rechts zeiden waren Mieke en Ruben (klik). Zij hadden het goed. En Ruben gaf daarvoor ook nog een goede reden: "Ik vind rechts een stuk strakker, en daarom verdenk ik u ervan die kant geschilderd te hebben. Uw geliefde zal zich er zoals het een man betaamt iets minder op hebben ingespannen."
 
Hoe dan ook: het kastje is af, staat onder de tv en is mooi. Ik moet doorsolliciteren, plankjes schilderen, op kraambezoek (drie baby's in één weekend) en nog vier kasten in elkaar zetten. En dat is nog maar een fractie van wat er moet gebeuren. Ik zal mijn momenten van gebrek aan discipline moeten aanwenden om op deze webzijde de eindjes nog verder aan elkaar te knopen. En dan doe ik gewoon even alsof het helemaal geen discipline kost om hier iets te schrijven.
Tot dan!
Lees meer...   (14 reacties)
 
Tuin, 7 juli 2006. Mike is een van de adoptiepoezen die ik niet langer adoptiepoes zal noemen (klik op de foto voor groter).
 
Mike wacht.
Ik wacht ook.
Tot ik weer kan schrijven.
Nu kan dat gewoon echt niet.
Wacht u nog even mee?
 
(geïnspireerd door klik)
Lees meer...   (22 reacties)
 
 
Als ik niks zeg, zegt u ook niks. En dat kan natuurlijk niet, want dan wordt het veulste ongezellig hier. Dus vandaag even een Zezunja-extensief stukje, waarin van u veel inbreng wordt verwacht. In het kader van het-moet-wel-van-twee-kanten-komen. 
 
1. Wat is het belangrijkste verschil tussen België en Nederland en of de Belgen en de Nederlanders? (meerdere antwoorden mogelijk)
2. Wat is het leukste aan de Belgen en/of België?
3. Wat is het vervelendste aan de Belgen en/of België?
4. Wat zal ik volgens u het meest missen van Nederland en de Nederlanders?
5. Wat zal ik volgens u het minst missen? 
6. Wat zou u zeker gaan doen als u bijna blanco aan een nieuw leven zou beginnen? (alles is mogelijk, van punniken tot een boek schrijven)
 
Mijn antwoorden vindt u zo in het reactieding. 
O ja, en vermeld even of u Nederlands of Vlaams bent. 
Lees meer...   (16 reacties)
 
De bewuste basgitaar. 
 
In het kader van laten we nog eens een stukje schrijven over wat het stukjes schrijven zoal in weg staat, nu een stukje over wat het stukjes schrijven zoal in de weg staat.
 
Zoals daar zijn: een aanlooppoes uit de categorie Sloefke (klik, klik en klik). Zo'n ongelooflijk leuke poes die plots in je woonkamer staat en dan niet meer wegdurft. Elke keer hoop ik dat ik er een poes bijheb, maar ook deze keer bleek weer dat de leukste exemplaren al snel gemist worden. En hoewel van tijdelijke aard, stond deze aanlooppoes uit de buitencategorie het stukjes schrijven toch nog danig in de weg.
 
En verder was daar het WK. En mijn oma. Mijn West-Friese oma met doorzichtig watergolfje, trillende handen en een stok, die heel scherp opmerkt dat het jammer is dat Kuyt niet opgesteld staat. En mijn neefje van vijf die intussen rustig een Zweedse puzzel gaat zitten invullen (wah, hij zit op de kleuterschool!). En die de bladeren van de mammoetboom zonder al te veel moeite bij de juiste zaden weet te plakken. En die vervolgens vaststelt dat als het huis te klein is om met een wandelstok te spelen, de wandelstok dan misschien te groot is voor het huis. Kijk, dat staat het stukjes schrijven flink in de weg.
 
En dat ik vorige week naar mijn basgitaar keek, dat leverde ook weer een heleboel werk op. Want ineens bedacht ik: als ik het ding meeneem naar België, dan komt-ie nooit meer terug bij de bouwer ervan. Een aangezien ik er nooit op speel, omdat het een kutding is, werkelijk een kloteding, kan ik 'm maar beter teruggeven aan degene die er bloed zweet en tranen in heeft gestopt om 'm te bouwen. Zo gezegd, zo gedaan. De bewuste basbouwer werkt tegenwoordig op het Montessori Lyceum, mijn oude middelbare school. Met de bas op mijn knie op de fiets door de zon. Een sentimental journey op mijn oude schoolplein. En een stralende man die na dertien jaar zijn zelfgemaakte bas terugziet. Dat staat het stukjes schrijven behoorlijk in de weg.
 
En die pil, die zo heavy is dat ik er maar twee hoef te nemen in twee weken. Per pil verpakt in een enorme doos en vier a4'tjes bijwerkingen, waaronder hoofdpijn, misselijkheid en duizeligheid. En dat ik dan eerst een keukenkastje in mijn fontanel krijg, een paar dagen later iets wat ik me niet meer kan herinneren op mijn rechtervoorhoofd, en zondag een schroef van een zonnescherm in mijn linkervoorhoofd. En dat die bijwerkingen dan ineens onverbiddelijk zijn. Ja, dat staat het stukjes schrijven ook best een beetje in de weg.
 
En dat ik nu de mussen van het dak moet zingen, urenlang, en een geheim genootschap moet bezoeken, en mijn educatieve plicht moet vervullen, en mijn koffertje weer moet pakken. Voor het laatst. Dat staat het stukjes schrijven ook aardig in de weg.
 
Dus.
Lees meer...   (19 reacties)
 
 
"Dan ga ik nu even doen alsof ik heus wel kan opschieten."
"Zoenen voor iedereen."
"Ik denk dat bij de ontknoping van Lost blijkt dat King Kong op dat eiland zit."
"Stink jij nou zo of ik?"
"Sorry dat er een UFO doorheen zat."
"Woeh boet wat mooi."
"Deze zin verdient 't om eruit te knallen."
"Het regent uit mijn wenkbrauw."
"Woensdag is een feit."
"Ja, maar ik wil geen verwijtende dingen tegen jou zeggen en ik ben erg in de stemming om dat wel te doen."
"Dus mij zoveel keuze laten, was wel ontzettend lief, maar geenszins nuttig."
"Anders zit ik de hele tijd aan een draadje."
"Zet je klauwen maar in zijn kloten."
"Met een slipstream in mijn buik."
"Ik viel zo hard op mijn knie dat zelfs van die rotjongetjes niet durfden te lachen."
"Omdat ik in staat bleek in Mechelen in min-drie minuten van het ene perron naar het andere te hollen met een koffer vol met boeken."
"Eigenlijk is het een vlaflip."
"Ik ben niet zo goed in moderne afko's."
"Ga jij maar eerst eens vertellen of ze allemaal leuk zijn."
"Maar ze zijn gierig met redactionele ruimte."
"22 is net als 33 en 88."
"Jij bent een heel onbeleefd meisje."
"Lissabon en Portugal zijn de grootste verleiders ter wereld."
"Keep up the good work and fuck de overheid."
"Met bevestiging is het leven vaak een stuk eenvoudiger."
"Er kwam seks in voor, dus dat was in orde."
"Ik ben een banaan."
 
Voor wat ik eerder zijdelings zei: klik
Lees meer...   (12 reacties)
wembley
Dit is fragment nummer 16 van het boek "Wembley" van Richard Osinga.
Als Aleida naar de keuken loopt, kijk ik naar haar billen. Ze zijn breed en slap. Enorm. Ik heb ze nooit gezien, maar ik ben er zeker van dat ze helemaal wit zijn, misschien licht roze. Ik zou beide armen nodig hebben om ze te omvatten, ik zou mijn hoofd erop kunnen leggen, het zou zijn als een groot kussen, een zacht donzen kussen, een kussen zoals ze op de televisie hebben.
De billen van Dioudi zijn stevig, ferm. Ik herinner me de eerste nacht dat ze bij me kwam. Ze was warm en ze had haar lichaam ingesmeerd met vet. Ik zweette en we glibberden. Ik pakte haar billen vast, eerst voelden ze zacht, maar ze spande zich en haar billen werden als gladde stenen in een rivier. Ik schoof haar kleed naar beneden en ze liet me begaan. Toen ik voor het eerst stootte trok haar rug krom; haar lichaam was van hout, een boomstam waar ik op kon slaan en die hol klonk. Ik wist niet wat ik met haar moest. Toen ze ontspande, werd ze vloeibaar als water. Ze deed haar ogen open en keek me aan. 'Je hebt me pijn gedaan.'
Ik wilde me verontschuldigen maar ik wist niet wat ik zeggen moest dus stootte ik weer. Ze kermde, maar ze spande zich niet zoals de eerste keer.
'Doe me nog maar eens pijn, maar zacht, veel zachter.'
Toen wist ik wat ik moest doen.
Het was mooi en we hadden geluk dat ze niet zwanger raakte. Minder gelukkig was dat haar oom haar betrapte toen ze wegsloop. Ik wist te ontkomen. Ik rende harder dan ik ooit gerend had in een wedstrijd, tussen de huizen door, over de binnenplaatsen, langs de rivierbedding.
Haar oom bracht haar naar haar vader, Bakary de taxichauffeur. Haar vader is streng, veel strenger dan andere vaders. Hij is ook rijk. Als er benzine is, kan hij op een dag genoeg verdienen om drie pakjes sigaretten te kopen en een fles bier erbij. Maar hij rookt en drinkt niet; hij brengt al het geld dat hij verdient met zijn taxi naar zijn vrouw. Niemand heeft haar ooit horen schelden.

Naar het begin - Doe mee - Lees verder >>

 
Tekst en uitleg van Richard Osinga:
Wembley, mijn derde roman, komt op 1 juni 2006 uit bij uitgeverij Querido. Ik heb het plan opgevat om het boek in zijn geheel online te publiceren. Niet in een stuk, maar in een paar honderd korte stukjes. De bedoeling is dat elk stukje op een ander weblog verschijnt, met een link naar het volgende stukje.
Lees meer...   (10 reacties)
 
Een adoptiepoes heeft maar één poot, blijkt (klik voor groter). 
 
Okee, ik heb dan wel geen poes, maar ik heb mooi wel recht op een poezenlog. Waarom zouden mensen die geen poes hebben, geen recht hebben op een poezenlog? Iedereen is gelijk en als ik een poezenlog wil, dan mag ik een poezenlog.
 
Dus dat gezeik dat dit log misschien wel erg op een poezenlog begint te lijken (Mis? klik), moet maar eens ophouden. DIT IS EEN POEZENLOG. Ik, als ongewenst poesloze, heb recht op die paar mooie momenten met de aanlooppoes (klik), Sloefke (klik) en de adoptiepoezen (klik). Niemand kan mij die ontnemen.
 
En als ik binnenkort onder één dak woon met de adoptiepoezen en ik ze natuurlijk niet langer adoptiepoes kan blijven noemen - dat is slecht voor hun zelfbeeld en hun geestelijke ontwikkeling - dan breekt er een nieuwe fase aan die weer INTEGRAAL op mijn POEZENLOG kan worden gevolgd.
 
Goed, dat daar verder geen misverstanden over bestaan. 
O ja, en als ik later als ik groot ben en op het malle idee kom om nageslacht te gaan maken, dan wordt dit eerst een ZWANGERSCHAPSLOG en dan een BABYLOG. Brrr, maak uw borst maar nat.
Maar dat is voor later zorg. Eerst is dit nog gewoon een POEZENLOG. 
Lees meer...   (20 reacties)
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl